Je gaat met buikpijn naar de huisarts en krijgt te horen dat het "waarschijnlijk stress" is. Een vriendin met hartkloppingen wordt drie keer teruggestuurd voor ze eindelijk wordt doorverwezen. Dat is geen toeval. Cijfers van het CBS laten zien dat 26 procent van de vrouwen hun gezondheid als niet goed beoordeelt, tegenover 21 procent van de mannen. Vrouwen gaan vaker naar de huisarts, vaker naar een specialist, en toch duurt het bij hen gemiddeld langer voor er een juiste diagnose op tafel ligt.
Medisch onderzoek is decennialang op mannen gebaseerd
Tot in de jaren negentig werden vrouwen standaard uitgesloten van klinische studies. De reden klonk logisch: hormonale schommelingen zouden de resultaten "verstoren". Het gevolg is dat de medische standaard, van medicijndoseringen tot symptoomlijstjes, grotendeels is gebouwd op het mannenlichaam. Een hartaanval bij vrouwen voelt vaak anders dan het klassieke beeld van pijn op de borst, denk aan misselijkheid, kaakpijn of extreme vermoeidheid, waardoor die sneller wordt gemist of verward met iets onschuldigs.
Dat gat wordt inmiddels erkend. Het CBS meldt dat migraine, darmstoornissen en gewrichtsslijtage ongeveer twee keer zo vaak bij vrouwen voorkomen als bij mannen, terwijl vrouwen ook vier keer zo vaak last hebben van onvrijwillig urineverlies. Toch bestaat er voor veel van die klachten nog geen vrouwspecifiek behandelprotocol.
Wat dat concreet betekent bij de huisarts
Het probleem zit niet alleen in de wetenschap, maar ook in de spreekkamer. Klachten die niet in het bekende plaatje passen, worden vaker toegeschreven aan stress, angst of "vrouwenklachten" in plaats van verder onderzocht. Dat vertraagt diagnoses bij aandoeningen als endometriose, waar de gemiddelde doorlooptijd tot een diagnose in Nederland nog altijd jaren kan bedragen, ook al is de aandoening allesbehalve zeldzaam. Ook bij klachten rond het vaginale microbioom duurt het vaak lang voordat vrouwen serieus worden genomen, simpelweg omdat er te weinig basiskennis over is.
Neem het klassieke voorbeeld van een hartaanval. De meeste voorlichting is nog gebaseerd op het beeld van hevige pijn op de borst die uitstraalt naar de linkerarm. Bij vrouwen ontbreekt die pijn vaak juist, en overheersen misselijkheid, kortademigheid of een drukkend gevoel in de kaak of rug. Omdat die signalen minder bekend zijn, herkennen zowel vrouwen zelf als soms zorgverleners ze te laat. Hetzelfde geldt voor auto-immuunziekten, die vaker bij vrouwen voorkomen maar waarvan de klachten, zoals aanhoudende vermoeidheid of gewrichtspijn, makkelijk worden weggezet als "gewoon druk".
Het is niet dat artsen slecht werk leveren. Ze werken met richtlijnen die zijn opgebouwd uit onderzoek waarin vrouwen ondervertegenwoordigd waren. Zo blijft ook een aandoening als Alzheimer, dat vrouwen zwaarder treft dan mannen, nog altijd te weinig verklaard vanuit vrouwspecifiek onderzoek. Twee derde van de Alzheimerpatiënten is vrouw, maar tot voor kort ging vrijwel al het onderzoek naar de rol van hormonen daarin voorbij.
De Nationale Strategie Vrouwengezondheid moet dit gaan repareren
Minister Jansen van VWS lanceerde in juli 2025 de Nationale Strategie Vrouwengezondheid 2025-2030. Die maakt onderscheid tussen vrouwspecifieke aandoeningen, zoals overgangsklachten en menstruatiestoornissen, en vrouwsensitieve aandoeningen die bij beide seksen voorkomen maar zich anders uiten, zoals hart- en vaatziekten of migraine. Doel is meer kennis, betere verspreiding van bestaande kennis, en meer samenwerking tussen onderzoekers en zorgverleners. Volgens de berekeningen kan dat op termijn zo'n 7,6 miljard euro per jaar aan maatschappelijke baten opleveren, vooral doordat vrouwen minder lang ziek thuis zitten of onnodig doorverwezen worden.
Het is een stap die te laat komt voor de generaties die er nu al jaren tegenaan lopen, maar wel een die eindelijk erkent dat "gewoon vrouw zijn" geen goede verklaring is voor onopgeloste klachten.
Zo pak je het zelf slimmer aan
Tot die kennisachterstand is ingelopen, helpt het om zelf de regie te nemen. Houd een klachtenlog bij met data, duur en intensiteit, dat maakt een patroon zichtbaar dat een arts in tien minuten spreektijd niet altijd ziet. Vraag expliciet of een klacht "vrouwsensitief" kan zijn, oftewel of ze bij vrouwen anders verloopt dan in de standaardrichtlijn staat. En wacht niet af als een klacht na een paar weken niet overgaat: een tweede mening is geen wantrouwen, het is gewoon goed voor jezelf zorgen.
Handig is ook om vooraf te bedenken wat je wilt meegeven aan de arts. Schrijf je drie belangrijkste klachten op voor het gesprek, dan verdwijnt er minder in de ruis van tien minuten. Vraag door als een verklaring te vaag blijft, bijvoorbeeld met "waar baseert u dat op" of "welke andere oorzaken sluit u hiermee uit". Dat klinkt confronterend, maar de meeste artsen waarderen het juist als een patiënt meedenkt. Dezelfde onderbouwde aanpak helpt trouwens ook bij andere thema's waar de wetenschap net is bijgetrokken, zoals de eiwitbehoefte van vrouwen, die pas de laatste jaren serieus in kaart is gebracht.
Wat je hieraan overhoudt bij je volgende afspraak
Je hoeft niet te wachten tot de strategie in 2030 is uitgevoerd om er iets aan te hebben. Neem je eigen observaties serieus, vraag door als een verklaring te makkelijk klinkt, en besef dat "het zal wel stress zijn" vaker een gebrek aan data is dan een medisch feit. De kennisachterstand is een systeemprobleem, maar jouw vasthoudendheid in de spreekkamer is precies het soort gedrag dat het systeem nu probeert in te halen.